Nieuws

Terugkerende luchtweginfecties tijdens en na rituximab

Bij verschillende vormen van leukemie en non-Hodgkinlymfomen wordt een behandeling met rituximab (Mabthera) gegeven. Bij deze patiënten komen relatief vaak luchtweginfecties voor. Soms is dit een gevolg van een tekort aan bepaalde antistoffen, veroorzaakt door de rituximabbehandeling.

Foto - Morgan Brown

Lang niet altijd zijn er dan bacteriën aan te tonen. Antibiotica zijn dan ook niet effectief. Die luchtweginfecties kunnen nog jaren na de behandeling met rituximab optreden.

Soms is er bij deze patiënten sprake van een tekort aan antistoffen van het IgG-type. Door deze antistoffen, gammaglobulinen genoemd, rechtstreeks toe te dienen in de bloedbaan kan het tekort aangevuld worden en blijven de luchtweginfecties achterwege.

Als een patiënt dus gedurende enkele maanden luchtweginfecties heeft en als deze met antibiotica niet onder controle te krijgen zijn, kan het nuttig zijn om de hoeveelheid antistoffen, met name het IgG, te laten bepalen. Ook het aantal neutrofiele granulocyten (een bepaald soort witte bloedcel) is van belang.

Toediening van IgG-antistoffen is kostbaar, maar de verbetering van de kwaliteit van leven weegt hier ruim tegenop. Patiënten die met rituximab behandeld worden, mogen in ieder geval niet gevaccineerd worden met levende vaccins.

Bron: Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 2 april 2015.

Noot van de wetenschapsredactie: Wat overwogen zou kunnen worden, is patiënten direct na de diagnose chronische leukemie, non-Hodgkinlymfoom, multipel myeloom en de ziekte van Waldenström te vaccineren tegen Streptococcus- en Haemophilusbacteriën en andere ziekteverwekkers, zoals bepaalde virussen. De kans dat het lichaam dan nog zelf antistoffen aanmaakt is groter dan wanneer dat later in de ziekte gebeurt. Vraag naar deze vaccinaties bij je hematoloog of huisarts!