Nieuws

Vijf miljoen voor onderzoek naar B-cellen

Een uniek, divers gezelschap van Amsterdamse onderzoekers heeft een bedrag van vijf miljoen euro van het ministerie van Economische Zaken in de wacht gesleept om onderzoek te doen naar haperende B-cellen. 

HM20_06c_Positie 9_Haperende Afweer_Foto_Kalhh

In de onderzoeksgroep werken immunologen, reumatologen, hematologen, neurologen, dermatologen, nefrologen en oncologen mee uit zes academische centra, naast partners van het RIVM, Sanquin en vier farmaceutische bedrijven. Penvoerder is Taco Kuijpers, hoogleraar kinderimmunologie van Amsterdam UMC. Kuijpers: 'Ik hoop dat we over vier jaar écht meer snappen van de B-cellen, hun functie en de soort antistoffen die ze maken als ze eenmaal tot plasmacellen zijn ontwikkeld. Uiteraard willen we daar ons voordeel mee doen bij de behandeling van verschillende aandoeningen. 

Small molecules
Een van onderzoekers in het project, dat de naam Target to B kreeg, is hoogleraar hematologie Arnon Kater. Hij richt zich vooral op de behandeling van chronische lymfatische leukemie (CLL). Kater: 'Op dit moment worden diverse nieuwe middelen, small molecules genaamd, toegelaten tot de markt en worden allerlei combinaties in internationaal studieverband mede door ons getest. Tegelijk zijn er natuurlijk nog steeds de nodige vragen. Een 'normaal' chemotherapeuticum geef je bijvoorbeeld gedurende zes maanden. De nieuwe middelen dien je vele jaren toe. Wat doet dat met de normale, gewenste afweer tegen bacteriën of virussen? 

De meeste van de nieuwe middelen werden ontwikkeld voor B-celkankers, maar gaandeweg kwamen we erachter dat deze middelen ook effect hebben op niet-kwaadaardige B-cellen. Toch is de inzet van die middelen in deze laatste gevallen vooral pragmatisch. Gewoon maar proberen of ze werken, trial and error. In een deel van de gevallen hebben ze een positief effect, maar waarom, dat weten we niet. Diezelfde vragen zullen ook voor de nieuwste generatie B-celremmers gelden.' 

Beeld: Kalhh